Tip 1: Begrijp STOP, leer het niet uit je hoofd

De STOP-hiërarchie is het meest geteste onderwerp op het VCA-examen. Substitutie → Technisch → Organisatorisch → Persoonlijk. Onthoud: PBM's zijn altijd de laatste keuze, nooit de eerste.

Tip 2: Ken de 9 GHS-pictogrammen

Leer de 9 gevaarpictogrammen op basis van hun uiterlijk, niet alleen de naam. Het explosiesymbool, de vlam, de doodskop — elk symbool heeft een unieke vorm. Maak een geheugenkaartje met plaatjes.

Tip 3: LMRA is altijd het juiste antwoord bij twijfel

Als een examenvraag vraagt "wat doe je voordat je begint?", is het antwoord vrijwel altijd: een LMRA (Laatste Minuut Risico Analyse) uitvoeren. Dit is de veiligheidscheck vlak voor het begin van de werkzaamheden.

Tip 4: Doe minimaal 3 complete oefenexamens

Een VCA Basis examen heeft 40 vragen. Doe minimaal 3 volledige oefenexamens zodat je gewend raakt aan de vraagstelling. Let op welke vragen je fout hebt en bestudeer die extra.

Tip 5: VCA VOL — ken de extra onderwerpen

Voor VCA VOL gelden aanvullende onderwerpen: RI&E opstellen, toolbox meetings leiden, verantwoordelijkheden van leidinggevenden, incidentrapportage. Zorg dat je de wettelijke basis kent (Arbowet, Arbobesluit).

Slagingspercentage

VCA Basis: minimaal 28 van de 40 goed (70%). VCA VOL: minimaal 49 van de 70 goed (70%). Oefen totdat je consistent boven de 80% scoort voor een comfortabele marge.

De dag voor je examen

Doe één volledig oefenexamen om je in de flow te brengen. Ga op tijd slapen — vermoeidheid kost punten. Neem je ID en bevestiging van je examenboeking mee.