Kernregels: wat moet je weten?
- Op een autosnelweg zijn voetgangers, fietsers en bromfietsers niet toegestaan.
- Invoegen gaat via de invoegstrook — jij geeft voorrang aan het rijbaanverkeer.
- De vluchtstrook is alleen voor noodgevallen (pech, ongeluk) — nooit als rustplek.
- Bij pech: wijk uit naar de vluchtstrook, zet waarschuwingslichten aan, gebruik gevarendriehoek op 30 meter.
- Keren en achteruitrijden is op de autosnelweg absoluut verboden.
- Spitsstroken (tijdelijk geopende vluchtstrook) zijn alleen in gebruik als er een groen pijlbord brandt.
Veelgemaakte fouten op het examen
Dit zijn de fouten die kandidaten het vaakst maken bij speciale wegen & autowegen op het CBR theorie-examen:
- Denken dat de vluchtstrook een extra rijstrook is bij file — dat is verboden.
- Niet weten dat je bij pech direct naar rechts moet, ook als de volgende afrit dichtbij is.
- Vergeten dat je een gevarendriehoek op minstens 30 meter achter je voertuig plaatst.
- Invoegen terwijl je geen voorrang verleent aan het doorgaand verkeer.
Hoeveel vragen gaan hierover?
Op een standaard CBR theorie-examen (65 vragen totaal) zijn gemiddeld 12 vragen gerelateerd aan speciale wegen & autowegen. Om te slagen heb je minimaal 53 van de 65 vragen goed nodig — dit onderwerp kan dus het verschil maken.
Oefen alle 12+ speciale wegen & autowegen vragen
Met Examen Fixer oefen je alle CBR theorie-onderwerpen in één oefenexamen van 50 vragen. Direct toegang, geen registratie vereist.
Kies je toegangspas →Andere onderwerpen oefenen
Het CBR theorie-examen dekt meerdere onderwerpen. Oefen ook de andere categorieën om goed voorbereid te zijn: