Wat staat er in een ontruimingsplan?

Een ontruimingsplan beschrijft: de vluchtwegen en nooduitgangen, het verzamelpunt, taken van BHV-ers, wie het brandalarm geeft, wie 112 belt, wie personen met een beperking begeleidt en hoe controlelijst wordt bijgehouden van aanwezige personen.

Taken van de BHV-er bij ontruiming

1. Alarm geven (als dat nog niet is gegaan).
2. 112 bellen (melden wat, waar, hoeveel slachtoffers).
3. Aanwezige personen naar de nooduitgang begeleiden.
4. Ruimten doorzoeken op achterblijvers.
5. Personen met een beperking begeleiden naar veilige plek of verdieping-wachtplaats.
6. Verzamelpunt bereiken en aanwezigheid controleren.
7. Rapporteren aan brandweer bij aankomst.

Vluchtwegen en nooduitgangen

Vluchtwegen moeten altijd vrij zijn — nooit blokkeren met dozen of pallets. Nooduitgangen zijn gemarkeerd met groene vluchtwegborden. Deuren in vluchtwegen openen altijd in de vluchtrichting (naar buiten). Branddeuren sluiten automatisch bij brand en mogen nooit worden vastgezet open.

Personen met een beperking

Rolstoelgebruikers en anderen die de trap niet kunnen gebruiken wachten in een verdiepingswachtplaats (fire refuge area) totdat de brandweer hen evacuees. BHV-ers informeren de brandweer bij aankomst over de locatie van wachtende personen. Nooit een rolstoelgebruiker in de lift evacueren bij brand.

Ontruimingsoefeningen

Werkgevers zijn wettelijk verplicht regelmatig ontruimingsoefeningen te houden. Minimaal 1x per jaar. BHV-ers evalueren de oefening: was iedereen op het verzamelpunt? Waren vluchtwegen vrij? Hoe snel? Tekortkomingen worden bijgehouden en opgelost.

Examentip ontruimingsplan

"Wat doet de BHV-er als eerste bij brand?" (alarm, 112 bellen). "Waar mag een rolstoelgebruiker niet geëvacueerd worden?" (niet via de lift). "Hoe openen vluchtwegdeuren?" (altijd in de vluchtrichting). "Hoe vaak ontruimingsoefening?" (minimaal 1x per jaar).